Griekse hoplieten in gevecht met de Perzen
Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

De strijd tussen het machtige Perzische Rijk en de kleine Griekse stadstaten leek in alle opzichten een ongelijke. De Grieken verweerden zich echter hevig en wisten tot twee keer toe een Perzische invasie te stoppen. Na de slagen bij Marathon (490 voor Christus) en Salamis (480 voor Christus) versloegen de Griekse hoplieten het Perzische leger bij Plataea in 479 voor Christus definitief en kwam er een einde aan de Perzische invallen in Griekenland.

De eerste Perzische invasie van Griekenland vond plaats tussen 492 en 490 voor Christus. De stadstaten in Griekenland hadden andere Griekse steden op de kust van Klein-Azië, nu Turkije, gesteund in de Ionische Opstand (499-493 voor Christus). Deze steden waren in opstand gekomen tegen het bewind van de Perzische koning, Darius de Grote. Hij verzamelde daarna een groot leger om Griekenland te veroveren, maar werd bij de Slag bij Marathon verslagen door de Atheners.

Darius’ zoon Xerxes zette het werk van zijn vader voort in 480 voor Christus met een tweede inval in Griekenland. De Griekse nederlaag bij Thermopylae, waar een kleine groep strijders het enorme Perzische leger drie dagen ophield, en de Griekse overwinning in de Zeeslag bij Salamis leidden uiteindelijk tot de beslissende Slag bij Plataea in augustus 479 voor Christus.

Aanloop

De Grieken en de Perzen ontmoetten elkaar in de buurt van het stadje Plataea. De Griekse alliantie bestond uit hoplieten, met brons bewapende en bepantserde infanteristen, uit Sparta, Athene, Megara, Korinthe en enkele kleinere stadsstaten. De Spartanen leverden het grootste aantal soldaten, met 10.000 hoplieten en zo’n 35.000 lichter bewapende troepen. De Atheners stuurden 8.000 hoplieten en zo’n 800 boogschutters. Het totale Griekse bestond uit zo’n 110.000 man. Zij stonden tegenover een Perzisch leger dat waarschijnlijk bestond uit zo’n 120.000 man.

Plataea

De Perzische bevelhebber Mardonius had zijn kamp opgeslagen ten noorden van het plaatsje Plataea. De vlakte in dat gebied leek hem een geschikt gebied om zijn cavalerie te gebruiken tegen de Griekse infanterie. De Grieken zagen dit gevaar ook en stelden zich op in de uitlopers van het Kithairon gebergte, waar zij op de hoger gelegen grond de cavalerie makkelijker van zich af konden houden.

Patstelling

Kaart uit 1780 van de Slag bij Plataea (Bron: Wikipedia)

Kaart uit 1780 van de Slag bij Plataea

De eerste twaalf dagen na de komst van het Griekse leger stonden de twee legermachten tegenover elkaar zonder aan te vallen. Bij de Grieken vormden de Spartanen de rechterflank, de Atheners de linker en de andere stadstaten het midden. Kleine schermutselingen over en weer leidden niet tot succes, totdat Mardonius de Griekse bevoorradingsroutes aanviel en de Griekse bevelhebber Pausanias tot actie dwong.

Afleidingsmanoeuvre

De vlakte tussen de Griekse en Perzische stellingen werd doorsneden door de Aisopos rivier. Beide legermachten wilden deze rivier niet oversteken, omdat zij kwetsbaar zouden zijn tijdens het doorwaden van de stroom. Om de Perzen toch aan hun kant van de rivier te krijgen bedachten de Grieken een list. In de nacht van de dertiende dag van de patstelling trokken de Grieken zich terug richting het stadje Plataea, om de Perzen over te rivier te lokken. Bij het aanbreken van de dag zagen de Perzen de lege heuvelruggen tegenover zich, waarna Mardonius besloot om frontaal aan te vallen. Ondanks dat voor de Grieken alles volgens plan verliep werden zij toch verrast door de snelheid waarmee de Perzen hun aanval inzetten.

Drie delen

Op de vlakte voor Plataea werd het Griekse leger uit elkaar gedreven in drie losse eenheden. De Spartanen vormden een falanx, een gesloten formatie van hoplieten, en namen het op tegen de Perzische cavalerie en boogschutters. De Atheners werden aangevallen door hoplieten uit Thebe, een Griekse stad die zich bij de Perzen had aangesloten, terwijl het Griekse midden de Perzische aanval afwachtte.

Griekse drinkschaal met een afbeelding van een hopliet in gevecht met een Perzische soldaat (Bron: Wikipedia)

Griekse drinkschaal met afbeelding van een hopliet in gevecht met een Perzische soldaat

 

Spartaans succes

Ondanks hun numerieke meerderheid was de lichtbewapende Perzische infanterie geen partij voor de in het brons gehulde Spartaanse hoplieten. De traditionele Perzische uitrusting bestond uit rieten schilden en houten speren, terwijl de Spartanen vochten met bronzen schilden, speren en zwaarden. Langzaam maar zeker werden de Perzen achteruit gedrukt en toen de Spartaan Arimnestus met een steen de Perzische bevelhebber Mardionus doodde viel het Perzische leger uit elkaar en sloeg het op de vlucht.

Perzisch kamp

Nadat de Atheners het gevecht met de hoplieten uit Thebe hadden gewonnen, bestormden de Grieken het kamp van de Perzen. Na een korte strijd in het kamp was de Griekse overwinning compleet. Waarschijnlijk verloren de Grieken maar zo’n duizend man, terwijl slechts 43.000 van de 120.000 Perzen de Slag bij Plataea overleefden.

Nasleep

Op dezelfde middag als dat Slag bij Plataea plaatsvond vernietigden de Grieken de overblijfselen van de Perzische vloot bij de Slag bij Mycale. De overlevende Perzen van Plataea werden hierdoor gedwongen over land terug te keren naar Klein-Azië. De Slag bij Plataea beëindigde de Perzische invasies van Griekenland, waarna de Grieken in de tegenaanval gingen en onder andere Cyprus en Byzantium veroverden. In 449 voor Christus sloot Athene als laatste Griekse stadsstaat vrede met de Perzen.

Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone