Verzetstrijdster Hannie Schaft
Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

Het proces tegen de 92-jarige SS-officier Siert Bruins is vandaag begonnen. Hij wordt ervan verdacht op 22 september 1944 verzetsman Albert Klaas Dijkema te hebben vermoord. Nu, bijna 65 jaar later, moet Bruins voor de rechter verschijnen. Dijkema’s verzetspoging tegen de Duitse overheersing was één van de vele tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Albert Klaas Dijkema werd op 31 oktober 1907 geboren in het Groningse Garmerwolde. Hij was landbouwer en later ook verzetsman, een keuze die hij moest bekopen met zijn leven. Op 22 september 1944 werd hij in Appingendam vermoord. Dijkema was lid van verzetsgroep ’t Zandt, een van de velen groepen die hun leven op het spel zetten om de Duitsers tegen te werken.

Er bestonden drie vormen van verzet. De eerste vorm was passief verzet, waarbij de maatregelen die de Duitsers oplegden niet werden nageleefd. De tweede vorm was actief, niet gewelddadig verzet, zoals het helpen van onderduikers, spionage en de illegale pers. Onder de derde vorm, gewelddadig verzet, vielen onder meer overvallen op bonnenbureaus en gemeentehuizen.

Beginfase verzet

Direct na de capitulatie van Nederland op 14 mei 1940 ontstond er verzet. De communistische organisaties CPN en RSAP besloten zich te verenigen om de Duitsers op grote schaal tegen te werken. Ze waren vooral tegen de anti-Joodse maatregelen aangezien een groot deel van de leden een Joodse achtergrond had. Eén van de eerste verzetsmensen in Nederland was Bernardus IJzerdraat.

Het verzet was in de beginperiode van de oorlog nog kleinschalig en onschuldig. Toen op 13 maart 1941 achttien verzetsmensen waaronder Bernardus IJzerdraat geëxecuteerd werden, werd duidelijk dat de Duitsers absoluut geen tegenspraak tolereerden en bereid waren geweld te gebruiken. Het verzet begon voorzichtiger te handelen en ging zich anders organiseren.

Ontwikkeling verzetsacties

Voor 1943 bestonden de acties van het Nederlandse verzet vooral uit het in huis nemen en helpen van onderduikers. Later begon het verzet de Duitsers op grote schaal te hinderen door middel van sabotage. Ook spionage en overvallen op bonnenbureaus en gemeentehuizen voor persoonsbewijzen kwam steeds meer voor.

Tijdens de oorlog zijn een aantal grote verzetsorganisaties ontstaan die een zeer belangrijke rol speelden, waaronder de Landelijke Organisatie voor Hulp aan Onderduikers. Ook vonden een groot aantal stakingen plaats bij bedrijven met als doel het afzetten tegen de wil van de bezetters. De Februaristaking van 25 en 26 februari 1941 is misschien wel de bekendste staking.

Kenmerkend voor het verzet in Nederland in deze periode is dat er relatief gezien weinig gewapend en gewelddadig verzet was. Ook is in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog het meest ondergedoken van alle op dat moment bezette gebieden. Ongeveer 350.000 Nederlanders hebben ondergedoken gezeten. Daarnaast maakten ongeveer 45.000 Nederlanders deel uit van het georganiseerde verzet. Bekende Nederlandse verzetsstrijders waren onder andere Hannie Schaft, Walraven van Hall, Gerrit Jan van der Veen en Helena Kuipers-Rietberg.

 

Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone
Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

Bronnen

–        Historischnieuwsblad.nl, Tien grote Nederlandse verzetshelden (april 2006)

–        Tweedewereldoorlog.nl, Verzet

–        Oranjehotel.nationaalarchief.nl. Verzet in Nederland

 

Afbeelding

–       Nationaal Archief/ Collectie Spaarnestad, Hannie Schaft

 

 

Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone