Marskramer
Tweet about this on TwitterShare on Facebook14Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

Tegenwoordig is de term Marskramer voornamelijk bekend van de winkelketen, maar eeuwenlang was het daadwerkelijk een bekend fenomeen door stad en land. Een kleine verkoper, met een hoop spullen ‘in zijn mars’. Een uitdrukking met een tegenwoordig positieve lading; maar dat was vroeger wel anders.

Britse Peddlers

Het beroep ontstaat rond 1225 in Engeland, als hier een melding wordt gemaakt van zogeheten Peddlers. Lopende verkopers, met op hun rug een kenmerkende korf of mars. Hieruit verkopen ze – op bijvoorbeeld markten en kermissen – verschillende kleine producten. Een bezigheid die over het algemeen onschuldig klinkt, maar desondanks niet goed opgevangen wordt door de bevolking.

Marskramers als onheilspellende ketters

De burgerij is niet bepaald gesteld op ‘varende luyden’, waar naast marskramers ook bedelaars onder vallen. Zij zouden schadelijk zijn voor de maatschappij en bewust klanten benadelen. Als dit vervolgens bevestigd wordt in een 14e eeuws traktaat, beginnen donkere geruchten zich te verspreiden over de verkopers. Zo doen ze aardig wat stof opwaaien rond de reformatie, door naast rozenkransen ook protestantse propaganda te verkopen. Zondaars dus, die ongeluk zouden brengen.

Van boosdoener naar slachtoffer

Aan het einde van de 16e eeuw krijgen deze negatieve geruchten een wending. De Tachtigjarige Oorlog breekt uit, gepaard met een economische crisis. Marskramers worden hierdoor eerder als slachtoffer gezien van de situatie met het Spaanse regime, dan als boosdoener. Een aantal jaar ervoor heeft Karel V namelijk ook het plakkaat tegen afzetterij van de rondtrekkende kooplieden uitgebracht, waardoor hun beroep vrijwel onmogelijk wordt gemaakt. Desondanks blijft het beroep wel nog bestaan, waarin het voornamelijk in plattelandsstreken wordt uitgeoefend. Hier is het tenslotte lastiger om specifiek op te controleren.

Joodse marskramers op het Hollandse platteland

Door velen wordt het beroep gezien als iets typerend Joods, gezien de joden tot 1789 zijn uitgesloten van de meeste christelijke gilden. Dit dwingt ze om zich op vrije beroepen te storten, waaronder marskramer. Zelfs na de opheffing van de uitsluiting, associeert men het beroep met de bevolkingsgroep; in het bijzonder op het platteland.

De verdwijning van het beroep

Het uiteindelijke verdwijnen van het beroep valt hierdoor in de loop van de eeuwen te verklaren door gecombineerde factoren. Niet alleen werd het beroep al een stuk minder beoefend na het opgelegde plakkaat en de verplichte vergunningen; de vervolgingen door de nazi’s tijdens de Holocaust doen de laatste overgebleven marskramers verdwijnen.

Tweet about this on TwitterShare on Facebook14Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone
Tweet about this on TwitterShare on Facebook14Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

Bronnen:

bibliotheek.nl Geschiedenis van de marskramer
frieschdagblad.nl Joden als marskramer

Afbeeldingen:

gahetna.nl Marskramer

Tweet about this on TwitterShare on Facebook14Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone