'The Anti-Slavery Society Convention' door Benjamin Haydon, 1841

In 1833 maakte het Britse parlement een einde aan de slavernij in het Britse rijk met de invoering van de ‘Slavery Abolition Act’. Nog datzelfde jaar begon men vervolgens met het uitdelen van compensatiebetalingen – niet aan de onlangs bevrijdde slaven, maar aan de voormalige slaveneigenaren. Historisch onderzoek naar deze betalingen heeft inmiddels al veel nieuwe informatie opgeleverd over het Britse slavernijverleden.

Op 28 augustus 1833 zetten de leden van het Britse parlement hun handtekening onder de ‘Slavery Abolition Act’, die vervolgens in zou gaan op 1 januari 1834. Overigens werden op deze datum alleen de kinderslaven van onder de zes jaar oud vrijgelaten. De rest van de slaven in de Britse kolonies zag hun status onvrijwillig omgezet worden naar dat van een ‘leerknecht’, met als gevolg dat ze nog zes jaar lang onbetaalde arbeid moesten verrichten.

Compensatie

Desalniettemin achtte de Britse regering het in 1833 gepast om de voormalig slaveneigenaren te compenseren voor hun verlies. Immers, slaven werden in de 19e eeuw beschouwd als bezit en dus had Groot-Brittannië de eigenaren in principe onteigend van hun ‘goederen’. In totaal accepteerde de Britse overheid meer dan vijfduizend schadeclaims ten gunste van ruim 47.000 Britten. Met de volledige compensatie ging in totaal 20 miljoen pond gemoeid, een bedrag dat vandaag de dag neer zou komen op ruim 19 miljard euro. Uiteindelijk kwam de hoogte van de schaderegelingen neer op maar liefst 40 procent van het toenmalige overheidsbudget.

Hibbert en Gladstone

Een van de Britten die het meest profiteerde van deze gang van zaken was George Hibbert, medeoprichter van de Britse West-India Company. Hij ontving, verspreid over 19 claims, meer dan 63.000 pond, een bedrag dat heden ten dage neer zou komen op bijna 57 miljoen euro. Daarmee deed hij het echter nog net iets minder goed dan John Gladstone, de vader van de latere Britse premier William Gladstone. Die kreeg in 1833 namelijk 105.000 pond bijgeschreven op zijn bankrekening, een bedrag waarmee hij vandaag de dag de trotse eigenaar zou zijn van 96 miljoen euro. Gladstone investeerde het grootste deel van zijn compensatiegeld in de spoorwegen rondom Liverpool en gebruikte de rest om zijn kunstcollectie flink uit te breiden met werken van onder meer Rembrandt en Rubens.

Nieuwe inzichten

William Gladstone

William Gladstone

Onderzoek van historici van de University College London naar deze exorbitante compensatieregelingen heeft inmiddels al veel informatie opgeleverd over het Britse slavernijverleden. Zo blijken meerdere oude veronderstellingen onjuist te zijn. “Veel mensen denken automatisch aan Londen, Liverpool en Bristol als de grote centra van slavenhandel, maar in werkelijkheid was het verspreid over heel Groot-Brittannië”, aldus historicus Keith McClelland. “We ontdekten zelfs slaveneigenaren in het noordoosten van Schotland, het was wijdverspreid.”

Ook de rol van vrouwen in het geheel blijkt groter dan verwacht. “We hebben dit historische vertoog van vrouwen die geen bezit konden hebben, maar in de praktijk waren er wel degelijk veel vrouwen die slaven bezaten. Ongeveer 25 procent van alle Britten die een compensatie ontvingen waren vrouw. In de Caraïben lag dit percentage zelfs tussen de 40 en 50 procent.”

Slavernijverleden

Volgens McClelland is het van groot belang dat iedereen zich goed bewust is van het eigen slavernijverleden. “Britse geschiedenis is onlosmakelijk verbonden met de slavernij, met India, met de hele geschiedenis van het rijk. Die imperiale geschiedenis heeft invloed gehad op de vormgeving van de hedendaagse maatschappij, ze staan niet los van elkaar. Dit onderzoek gaat daarom niet alleen over zwarte kinderen die erachter komen dat ze voorouders hadden die slaven waren, het gaat om ons allemaal, dat wij ons beseffen dat ons slavernijverleden onderdeel uitmaakt van het weefsel van onze moderne samenleving. Mensen moeten dat begrijpen.”

Zie ook de database van de onderzoekers met meer informatie over de compensatiebetalingen aan slaveneigenaren.

Tweet about this on Twitter2Share on Facebook14Share on LinkedIn0Share on Google+0Email this to someone

Bronnen

- Wired, Site traces huge payouts (…), 27-02-2013
- UCL, Legacies of British Slave-ownership

 

Afbeeldingen

- Wikimedia Commons, Anti-Slavery Society Convention
- Wikimedia Commons, William Gladstone

 

Historisch uitje!

Tijdens een dagtocht op 1 juli 2013 staat de historische reisorganisatie Historizon stil bij de herdenking van de afschaffing van de slavernij.

 

Programma:
- Start in het Tropenmuseum in Amsterdam, waar in de collectie een overzicht gegeven wordt van de Nederlandse slavenhandel.

- Bijwonen 1 juli herdenking in het Oosterpark, waarbij ook diverse hoogwaardigheidsbekleders het woord zullen voeren.

- Na afloop van dit programma maken we met een gids een wandeling door Amsterdam langs diverse woningen waar vroeger slavenhandelaren woonden en andere plekken die hieraan herinneren.

 

Informatie:
Datum: Maandag 1 juli 2013 
Startlocatie: Amsterdam
Prijs: € 62,- p.p. (MJK-korting = € 12,-)
Inclusief: koffie/thee, entreegelden, deskundige gidsen, lunch en drankje na afloop.

Meer informatie of aanmelden

Tweet about this on Twitter2Share on Facebook14Share on LinkedIn0Share on Google+0Email this to someone