Hervormen of bezuinigen in 1933

Vandaag werden in Nederland de cijfers van het CPB bekend gemaakt . Op basis van de langverwachte begroting zal naar schatting 9 miljard bezuinigd moeten worden. Bernard Wientjes van werkgeversorganisatie VNO-NCW pleit er echter voor dat eerst gekeken wordt naar hervormingen voor de lange termijn. Ook bij de Grote Depressie van de jaren ’30 stond deze vraag ter discussie: bezuinigen of hervormen?

De roaring twenties! Een tijd van optimisme en grote economische groei. Geld moest rollen en de aandelenkoersen namen ongekende vormen aan. Maar aan de andere kant liepen de overschotten in de agrarische sector aan het einde van de roerige jaren ’20 steeds verder op. Deze zeepbel moest op den duur wel knappen en dat gebeurde met de beurscrach van 1929.

Grote depressie

De Grote Depressie was het resultaat. Nadat de aandelenkoersen op donderdag 24 oktober 1929 beangstigend snel begonnen te dalen, brak er paniek uit in Wallstreet en begonnen beleggers hun aandelen in rap tempo te verkopen. Banken gingen hierdoor failliet en een groot gedeelte van de beroepsbevolking verloor zijn baan. De zittende republikeinse president Herbert Hoover geloofde echter in de zegeningen van de vrije markt en weigerde ondersteuning te verstrekken aan de getroffenen van de economische crisis die uitgebroken was. Hij richtte zich op een protectionistisch beleid met alle gevolgen van dien: de economie stortte steeds verder in.

New Deal

Zijn populariteit daalde tot een dieptepunt en bij de presidentsverkiezingen van 1932 werd hij verpletterend verslagen door de democraat, en voorheen gouverneur van New York, Franklin Delano Roosevelt. Zijn slogan ‘A new deal for the American people’, sloeg aan. Hij lanceerde een pakket hervormingsmaatregelen en hij besloot als eerste de banken aan te pakken. Op 6 maart 1933 werden alle banken in het land vier dagen gesloten, waarna een noodwet voor het bankwezen werd ingevoerd, de Emergency Banking Relief Act.

Emergency Banking Relief Act

Hierin werd besloten dat voorkomen moest worden dat de kleine banken de groten mee zouden sleuren in ondergang en dat alle banken zodoende grondig geïnspecteerd moesten worden door het ministerie van Financiën. Wankele financiële instellingen kregen overheidssteun en moesten vervolgens grondig reorganiseren voordat zij hun deuren weer mochten openen. Daarnaast mocht voortaan niet meer gespeculeerd worden met deposito’s van particulieren. Het belangrijkste doel was om het vertrouwen in het bankwezen weer op te krikken. Ook werd er aandacht besteed aan het terugbrengen van de werkloosheid door het lanceren van grootscheepse overheidsprojecten en aan het herstel en de bevordering van de industriële sector en de landbouw.

Oppositie

File:FDR in 1933.jpgNaast grote steun, was er ook een aanzienlijke groep mensen in de maatschappij die niks zag in deze hervormingen. De kritiek kwam met name uit het bedrijfsleven, waar mensen van mening waren dat het inging tegen de Amerikaanse kernwaarden ‘vrijheid, individueel initiatief en zelfredzaamheid’. Daarnaast vonden sommigen dat er een omslachtig overheidsapparaat was gecreëerd, dat langzaam te werk ging en veel geld kostte. Belastingbetalers moesten betalen voor projecten die niks uithaalden en anderen waren van mening dat juist de grote bedrijven konden profiteren van de New Deal. Dit geluid kwam op nadat de New Deal niet snel genoeg de gehoopte herverdeling van rijkdom bracht.

Tweede New Deal

Ondanks de tegenstand van sommigen, werd Roosevelt met een overwegende meerderheid gekozen voor een tweede termijn. Deze periode wordt ook wel beschouwd als de tweede New Deal waarin op een aantal nieuwe vlakken de aandacht werd gericht. Zo kwamen deze keer de sociale zekerheid, arbeidsverhoudingen en monopolisering aan bod. Het was de geboorte van de oudedagspensioenen, arbeidsongeschiktheidsverzekeringen en een verbetering in arbeidsomstandigheden. De New Deal legde hiermee het fundament voor de Amerikaanse verzorgingsstaat. Voor de eerste keer in de geschiedenis greep de overheid actief in in de economie.

Bezuinigen

Desondanks slaagde Roosevelt er met zijn New Deal niet in de economische crisis echt te beteugelen. In 1937 besloot hij af te stappen van zijn hervormingsbeleid en ging hij bezuinigen op de overheidsuitgave om het begrotingstekort terug te kunnen dringen. Vrijwel meteen steeg de werkloosheid en in 1937 stak een nieuwe recessie de kop op. Pas toen in Europa de Tweede Wereldoorlog uitbrak, zorgde de oorlogsindustrie in de loop van de jaren ’40 voor een opleving van de Amerikaanse economie. Uiteindelijk konden de New Deal dus de ergste uitwassen van de economische malaise tegen gaan, maar kon het desondanks het tij niet doen keren.

Share