Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest1Email this to someone

Het 11-jarige meisje Marietje Kessels werd in 1900 zwaar verminkt, verkracht en vermoord teruggevonden op de vliering van de Noordhoek kerk. Uit een boek dat vandaag verschijnt blijkt dat Pastoor George van Zinnicq Bergmann het meisje verkrachtte en vermoordde in zijn kerk ruim een eeuw geleden.

Maria Catharina Wilhelmina (Marietje) Kessels werd op 2 maart 1889 geboren in Tilburg. Ze was het derde kind van Maria Philomena Crijns en Mathijs Jozef Hubert (Mathieu) Kessels. Mathijs was directeur en oprichter van de Koninklijke Nederlandsche Fabriek van Muziekinstrumenten te Tilburg. Vader Mathijs omschreef zijn dochter als “een opgeruimd, meegaand kind, tegen iedereen vriendelijk en zeer vroom van aard”. Het welgestelde gezin bewoonde de “Villa Cecilia”.

Op weg naar de post

Op woensdag 22 augustus 1900 om half elf ’s ochtends ging Marietje op weg om een brief te posten voor haar ouders en om haar pianoles af te gaan zeggen. Ze kwam echter nooit bij de pianoleraar aan om het bericht door te geven. “Onderweg werd haar blik getrokken door een man in het kerkportaal van de Heilig Hart-kerk”, vertelde Maria Panhuijsen, eigenaresse van het tegenover gelegen café de Zwarte Ruiter. Niemand heeft het meisje daarna nog gezien.

Zoektocht

Toen zij rond het middaguur nog niet thuis was, stuurde haar moeder Maria haar oudere zus op pad om toch eens te kijken waar Marietje bleef. Zij zocht in de buurt van de kerk en andere plekken waar haar zusje heen zou gaan. Toen zij met lege handen thuis kwam, besloot mevrouw Kessels om elf arbeiders uit de fabriek van haar man naar de stad te sturen om te zoeken. Toen ook de arbeiders geen spoor van het meisje konden vinden, stelde de moeder pastoor George W.J.M. van Zinnicq Bergmann (1851-1910) op de hoogte van de vermissing. De pastoor liet zijn huishoudster de kerk doorzoeken en begaf zich vervolgens naar de villa van de familie Kessels om de moeder gerust te stellen. Toen Mathijs om zeven uur aankwam op het station van Tilburg werd ook hij op de hoogte gesteld van de vermissing van zijn dochter. Hij besloot zijn 200 werknemers onmiddellijk vrij te geven om op zoek te gaan naar Marietje. Het was een massale zoektocht, maar om middernacht moest men concluderen dat de zoektocht geen vruchten afwerpt. Het kind was onvindbaar.

Lichaam Marietje gevonden

Er werd aangifte gedaan van de verdwijning en onder leiding van commissaris Caarls werd een onderzoek ingesteld. Op 24 augustus begonnen vijf personen aan een nieuwe zoektocht door de kerk. Na lang zoeken werd het levenloze lichaam van het meisje gevonden, verborgen  onder het dak van de kerk. Nadat het lichaam naar beneden was gehaald bleek het meisje te zijn verkracht en gewurgd. In eerste instantie werd de schilder verdacht van de dood van het meisje, maar toen bleek dat hij en ook koster Johan van Isterdaal geen geslachtsgemeenschap hadden gehad met het kind, werd duidelijk dat de pastoor verantwoordelijk was voor de dood van Marietje. Maar de pastoor werd nooit officieel verdacht. Dat er toch bedenkingen waren over de pastoor moet ook bij de hogere kerkelijke gezaghebbers ter ore zijn gekomen.

Afgevaardigden van het Vaticaan

Enkele jaren na de moord, in 1908, stonden plots twee afgevaardigden van het Vaticaan op de stoep bij de familie Kessels. Ze vertelden dat de pastoor de dader was, maar verzochten, namens de paus, aan de familie om te zwijgen. Bij een beschuldiging van de pastoor zou namelijk ‘de hele katholieke kerk terechtstaan’. De familie besloot na het gesprek om het geheim in den doofpot te stoppen. Vader Mathijs vreesde met name voor de gevolgen van zijn fabriek als een boycot van de kerk de honderden gezinnen zou treffen.

Al in 1988 bekend

Schrijver Ed Schilders was van mening dat de pastoor de dader was, ondanks dat hij nooit was vervolgd. Hij schreef er zelfs een boek over dat in 1988 verscheen: Moordhoek – De moord op Marietje Kessels in een katholieke kerk. Hij wees de pastoor daarin aan als dader en de koster was volgens hem medeplichtig omdat hij het lichaam van de fabrikantendochter verstopte boven in de kerk. Maar drie Tilburgse advocaten pleitten voor de onschuld van de pastoor. De zaak is nooit officieel opgelost.

Doorbreking Pauselijke geheimhouding

Nu pas doorbreekt de familie de “pauselijke geheimhouding” en staat in een boek wie de dader is geweest en waarom het geheim bleef. Godelieve Kessels, de dochter van de broer van Marietje, schreef een boek over de moord op haar tante. Ze bracht het boek uit door de recente discussie over seksueel misbruik van kinderen door de kerkbegeleiders. Het boek is gebaseerd op gesprekken die zij met haar vader Mathieu, de broer van Marietje, had.

Reacties op het boek

Het is een verhaal van ‘horen zeggen’. Wetenschappelijk en juridisch is dit geen bewijs. Toch gelooft Hoogleraar cultuurgeschiedenis Peter Nissen de onthullingen over betrokkenheid van de pastoor bij de dood en verkrachting van Marietje Kessels en noemt het verhaal plausibel. Het is volgens hem heel goed mogelijk dat diplomatieke vertegenwoordigers van de kerk de nabestaanden hebben gevraagd om de betrokkenheid van de pastoor geheim te houden. Dat zei hij vandaag in reactie op de verschijning van het boek. Nog geen tien meter van het graf van Marietje is de pastoor begraven op begraafplaats ’t Heike.

Leestip: Godelieve Kessels, De moord op Marietje Kessels. Waarom de ouders moesten zwijgen (Uitgeverij Nieuwland, ISBN 9789086450374)

Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest1Email this to someone