Nederlandse ontwikkelingssamenwerking sinds 1949

Lilianne Ploumen, minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking, heeft aangekondigd dat Nederland een nieuwe koers gaat varen op het gebied van ontwikkelingshulp. De nadruk komt te liggen op internationale samenwerking, die naast het bieden van hulp vooral in het teken zal staan van handel en investeringen. Hiermee neemt Nederland een nieuwe stap in het ontwikkelingshulpbeleid zoals dat sinds het einde van de jaren ’40 wordt gevoerd.

De eerste vorm van ‘internationale hulpverlening’ vond plaats tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen de Verenigde Staten materiële hulp aanboden aan Groot-Brittannië. Als uitvloeisel hiervan  stelden de Verenigde Naties in 1945 een handvest op dat de lidstaten bond aan internationale sociale en economische ontwikkeling. Het eerste wapenfeit was vervolgens het omvangrijke Marshallplan (1947), waarmee de VS in de naoorlogse jaren substantieel bijdroeg aan de wederopbouw en het economisch herstel van Europa.

Stuiten van de communistische opmars

Aan het einde van de jaren ’40 kwamen aandachtspunten als ‘wereldwijde armoedebestrijding’ en ‘de verbetering van levensomstandigheden in ontwikkelingslanden’ prominent op de internationale agenda te staan. In 1949 zette Nederland de eerste stappen op het gebied van internationale ontwikkelingssamenwerking. Op 3 oktober van dat jaar investeerde het Nederlandse kabinet anderhalf miljoen gulden in een grootschalig hulpplan van de Verenigde Naties: het Programma voor Internationale Technische Hulp. Net als bij andere westerse landen vormde voor Nederland ‘het stuiten van de communistische opmars in ontwikkelingslanden’ een belangrijke reden voor deze vorm van armoedebestrijding.

Neokoloniale motieven

Naast humanitaire en politieke overwegingen speelden ook neokoloniale motieven een rol. Zo was het geld dat Nederland in naoorlogse hulpprogramma’s stak onder andere bedoeld om de eigen werkloosheid, die als gevolg van de dekolonisatie behoorlijk was gestegen, op te vangen. Na het verlies van Nederlands-Indië hoopte Nederland bovendien dat het gezichtsverlies zo enigszins beperkt kon worden en dat zo de rol op internationaal gebied nog niet was uitgespeeld.

Bilaterale ontwikkelingssamenwerking

Rond 1960 veranderde het karakter van de Nederlandse ontwikkelingshulp. In plaats van het ondersteunen van grootschalige hulpprogramma’s, de zogenaamde multilaterale ontwikkelingssamenwerking, legde Nederland zich in toenemende mate toe op de zelfstandigere bilaterale ontwikkelingshulp. Als gevolg hiervan werd bovendien niet alleen hulp gegeven aan, maar ook in landen, voornamelijk op het gebied van onderwijs, landbouw en gezondheidszorg. In 1965 werd het ministerie van Ontwikkelingssamenwerking opgericht. Daarbij werd doelbewust de term ‘ontwikkelingshulp’ vermeden, omdat het volgens velen een te paternalistische ondertoon bevatte.

Duurzame armoedebestrijding sinds de jaren ’70

Vanaf de jaren ’70 en ’80 werd meer gestreefd naar de zelfredzaamheid en economische onafhankelijkheid van ontwikkelingslanden. Nederland probeerde ook een duurzamere vorm van armoedebestrijding na te streven. Ondanks een toegenomen ‘samenwerking’ met hulpbehoevende landen, stond het Nederlandse beleid gedurende de tweede helft van de 20e eeuw toch nog grotendeels in het teken van financiële hulpverlening. De afgelopen jaren kwam dit neer op plusminus 0,7 procent van het Bruto Nationaal Product (BNP), waarvan ongeveer de helft naar Afrikaanse landen ging.

Internationale samenwerking

Geplande bezuinigingen lijken  het karakter van de Nederlandse ontwikkelingssamenwerking te gaan veranderen. De term ‘ontwikkelingshulp’ zal volgens Ploumen dan ook daadwerkelijk niet meer van toepassing zijn: “De definitie is van begin jaren zestig. De wereld zag er toen anders uit. De meeste arme mensen wonen nu in middeninkomen-landen. In de toekomst zal het meer gaan om internationale samenwerking.” Ploumen wil af van het vastgeroeste idee dat hulp en handel niet goed samen kunnen gaan. Om dit te bekrachtigen wordt één miljard euro bezuinigd op financiële hulpverlening en zal de handel met ontwikkelingslanden aanzienlijk worden opgevoerd.

Tweet about this on Twitter8Share on Facebook4Share on LinkedIn0Share on Google+0Email this to someone

Bronnen

- De Volkskrant, Lilianne Ploumen: ‘Ontwikkelingshulp zal (…), 2-3-2013

- Historisch Nieuwsblad, Ontwikkelingssamenwerking, spagaat (…), 2002

- INNL, Nederland begon in 1949 (…)

- Historici.nl, Ontwikkelingssamenwerking 1949-1989

 

Afbeelding

Nationaal Archief, Ziekten. Ontwikkelingshulp. Malaria (…), 1959

Tweet about this on Twitter8Share on Facebook4Share on LinkedIn0Share on Google+0Email this to someone