Sergeant Stubby
Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone

Tijdens de Eerste Wereldoorlog werden onder andere paarden, katten, duiven en ratten ingezet om legers te beschermen en de vijand te schaden. Een belangrijke en veelzijdige rol op het slagveld werd echter vervuld door honden. Zwerfhonden, politiehonden en honden die gedoneerd werden door hun eigenaars werden opgeleid tot militaire honden met verschillende taken.

Gebruik honden op slagveld

Honden worden al eeuwen ingezet in conflictsituaties en oorlogen. Zo trainden de Oude Egyptenaren en Romeinen hun honden al om de vijand te herkennen en deze te grijpen. Ook werden ze geregeld gebruikt als bewaking, wachtpost en om goederen of mensen op te sporen.

Ambulancehonden tijdens de Eerste Wereldoorlog

In de Eerste Wereldoorlog waren er onder andere Rode Kruis-honden, ook wel ambulancehonden genoemd. Deze honden speurden gewonden op en voerden deze af in een rijtuigje . Ook werden de ambulancehonden ingezet om medicijnen heen en weer te brengen. De honden werden getraind om doden te negeren en in het geval van het vinden van een gewonde niet te blaffen, maar in stilte hun eigenaar te waarschuwen. De honden werden uitgerust met een zadelachtige rugtas, waarin verbanden, wat voer voor de hond, een flesje sterke drank en een bel voor in de nacht zaten.

Opvallend is dat de honden niet hoofdzakelijk op ras werden uitgekozen, maar op karakter en grootte. Ze moesten groot en sterk genoeg zijn en van nature geneigd zijn tot leren en werken. In totaal waren er zo’n 10.000 honden werkzaam als ambulancehond gedurende de oorlog.

Esprit de corps

De meeste ambulancehonden die werden ingezet tussen de loopgraven stierven omdat zij gemakkelijk konden worden geraakt door vijanden. De grootste successen werden dan ook geboekt in meer beschutte delen van het slagveld. De honden werden allereerst getraind om de uniformen van vriend en vijand te onderscheiden. Alhoewel de dieren vaak door één trainer werden opgeleid, werd er vanuit gegaan dat de honden al snel de esprit de corps zouden bezitten en daardoor naar iedereen in de eenheid zouden luisteren wanneer dit nodig was.

Duitse luitenant gered door gewonde hond

De Duitse luitenant Von Wieland was één van de velen die door deze heldhaftige dieren werd gered. Von Wieland raakte tijdens een gevecht met de Russen ernstig gewond en door het aanhoudende gevecht kon geen van zijn medesoldaten hem uit het niemandsland tussen de twee loopgraven redden.

Tot er vanuit de Duitse loopgraaf een hond kwam aangerend, hem vastgreep en hem richting veiligheid begon te slepen. Onderweg werd de hond meermaals geraakt door vijandelijke kogels, maar het dier slaagde er alsnog in Von Wieland in veiligheid te brengen. De hond, genaamd Steif, ontving hiervoor nadien een medaille van keizer Wilhelm II.

Prusco

Een held aan de andere zijde was de Franse wolfshond Prusco. Prusco redde in zijn diensttijd meer dan honderd militairen. Tijdens één van de vele slagen die Prusco meemaakte, redde hij achtereenvolgend drie militairen door hen aan zijn halsband vast te laten houden. Eén voor één bracht hij de militairen in veiligheid.

Honden op patrouille

Een andere taak die honden op het slagveld volbrachten was die van wachtpost en boodschapper. Tijdens patrouilles werden honden ingezet om waarschuwingen te geven wanneer er gevaar dreigde. Met name Doberman Pinchers waren zeer effectief in deze taak door hun smalle bouw, donkere kleuren, intelligentie en trainbaarheid.

Als waakhond diende de hond in stilte door boven de loopgraaf te zitten en een signaal te geven wanneer er iemand de linie naderde. Voor deze taak werden hoofdzakelijk rustige honden ingezet die op één kilometer afstand de vijand konden ruiken. Ook werden de honden gebruikt om boodschappen van de achterste linies naar de voorste linies te brengen. De honden waren kleiner, sneller en wendbaarder dan menselijke boodschappers en waren dus ideaal voor deze gevaarlijke taak.

Landmijnendetectie

Bovendien werden honden ingezet om landmijnen te detecteren. Met hun sterke reukvermogen en strikte training konden de dieren de mijnen opspeuren en hun trainer waarschuwen voor het ondergrondse gevaar. De dieren werden getraind voor deze taak door middel van schokken. Door deze training bleek deze taak echter zeer stressvol voor de honden, waardoor ze dit slechts in korte perioden achter elkaar konden doen.

Sergeant Stubby

De hoogst onderscheiden hond in de Eerste Wereldoorlog was Sergeant Stubby. Stubby was als puppy zwervend aangetroffen op de Yale campus door leden van het 102e infanterie regiment. De pitbullkruising werd al snel een populaire mascotte van de eenheid en werd geadopteerd door Robert Conroy. Toen Conroy naar Frankrijk uitgezonden werd, smokkelde hij Stubby mee naar de linies en daar werd de hond een ware held.

Nadat Stubby in aanraking was gekomen met mosterdgas kreeg de hond een speciaal talent voor het vroegtijdig opsporen van giftige dampen en wist hij meermaals de legereenheid te waarschuwen voor een gasaanval. Gedurende Stubby’s achttien maanden op het slagveld werkte hij in maar liefst zeventien slagen mee. Na de oorlog keerde Stubby terug met de inmiddels tot korporaal gepromoveerde Conroy. Stubby kreeg voor zijn verdiensten de rang van sergeant en werd een nationaal icoon voor moed.

Hond als symbool van moed

Naast de bovengenoemde taken waren de honden ook belangrijk voor het moraal van de legereenheden. De dieren boden plezier en troost aan verveelde, vermoeide en gewonde soldaten en waren psychologisch gezien van onschatbare waarden.

De eeuwenlange band tussen mens en hond werd door de Eerste Wereldoorlog nogmaals benadrukt. Na de oorlog verscheen de hond geregeld in literatuur en films als symbool van loyaliteit en moed in tijden van oorlog.

 

 

 

Tweet about this on TwitterShare on Facebook0Share on Google+0Pin on Pinterest0Email this to someone